Geschiedenis
Er is over de oorspronkelijke bewoners
van Aruba weinig bekend. Uit opgravingen
weet men dat het eiland voordat het
ontdekt werd door de Spanjaarden, het
zogenaamde pre-Columbiaanse tijdperk,
al honderden jaren bewoond is geweest.
De oerbevolking van Aruba bestond uit
Arowakken, die van het vasteland van
Zuid-Amerika kwamen. Uit archeologisch
onderzoek is gebleken dat het eiland
werd bewoond door indianen die dezelfde
cultuur hadden als de bewoners van het
Zuid-Amerikaanse werelddeel. Verder
bewijs voor de veronderstelling van
de Zuid-Amerikaanse afkomst van de indianen
vormen ook de rotstekeningen die op
veel plaatsen, vooral bij de ingang
van de grotten, zijn ontdekt. Bovendien
werden de doden in grote potten begraven
zoals in het Amazonegebied. In de veertiende
eeuw veroverden de Cariben, zelf verjaagd
door Zuid-Amerikaanse indianenstammen,
Aruba. De indianen leefden ten tijde
van de komst van de Spanjaarden nog
in het stenen tijdperk, in kleine groepjes
verspreid over het eiland in eenvoudige
lemen hutten. Ze leefden van visvangst
en plantaardig voedsel. De Benedenwindse
Eilanden zijn volgens de overleveringen
in 1499 door de Spanjaarden ontdekt.
Historici zijn het er niet over eens
of ze ontdekt zijn door Alonso de Ojeda
of door Amerigo Vespucci. Op basis van
kaarttekeningen en geschriften vermoedt
men dat Ojeda wel op Curaçao
en Bonaire is geweest, maar niet op
Aruba. Aruba werd waarschijnlijk enkele
jaren later tijdens verkenningstochten
"ontdekt". De Spanjaarden
noemden de eilanden "Islas de los
Gigantes" omdat de indiaanse bevolking
qua lengte met kop en schouders boven
hen uitstak. In 1513 haalden de Spanjaarden
de hele indiaanse bevolking van Aruba
af om als slaven in de kopermijnen van
Santa Domingo te werken. Het eiland
bleef onbewoond achter maar langzamerhand
kwamen er weer bewoners van het vasteland
naar het eiland om er zich te vestigen.
Weer wat later kwamen de Spanjaarden
op het eiland wonen en deden de indianen
dienst als personeel.
De
Nederlanders waren in die tijd een ondernemend
volk en bevoeren alle wereldzeeën.
Voor de haringvisserij hadden ze veel
zout nodig. Dit haalden ze uit Spanje
en Portugal, maar door de Tachtigjarige
Oorlog tegen Spanje waren ze genoodzaakt
om op zoek te gaan naar nieuwe zoutpannen,
die ze vonden in het Caribische gebied.
Aangezien de belangen in Zuid-Amerika
groeiden, was een steunpunt in het Caribische
gebied van groot belang. In 1634 veroverden
de Nederlanders Curaçao en gebruikte
het eiland als uitvalshaven tijden de
Tachtigjarige Oorlog om de Spaanse vloot
aan te vallen. In 1636 namen de Nederlanders
ook Bonaire en Aruba in om aanvallen
vanuit deze eilanden te voorkomen. Door
de Westindische Compagnie werden de
Benedenwindse Eilanden ontwikkeld tot
landbouwkolonies. Op Aruba begon men
met het fokken van paarden en vooral
geiten. Het aantal geiten op het eiland
werd op een gegeven moment zo groot,
dat men Aruba ook wel "geiteneiland"
noemde. Het eiland werd bestuurd door
een commandeur met enkele blanke hulpjes.
Verder woonden er uitsluitend indianen
op het eiland. Door het vrijwel ontbreken
van negerslaven zijn de indiaanse karaktertrekken
op Aruba sterker bewaard gebleven dan
op Curaçao en Bonaire. Pas na
1770 kwamen er negerslaven op het eiland,
maar op zeer beperkte schaal. De vele
oorlogen van de Nederlanders met de
Engelsen hadden ook gevolgen voor Aruba.
In 1806 viel Aruba in Engelse handen
en de bezetting duurde tot 1816. In
1816 kreeg Nederland Aruba van de Engelsen
terug. In 1824 werd er goud gevonden
en in 1859 fosfaat. Honderd jaar later
staakte men het delven van goud en ook
de fosfaatwinning werd gestaakt.
De meest ingrijpende gebeurtenis in
de moderne geschiedenis van Aruba is
de komst van de Lago Oil and Transport
Company. De komst van deze raffinaderij
bracht grote veranderingen voor Aruba
en zijn bevolking met zich mee. Omdat
er niet voldoende arbeiders op het eiland
waren, kwamen er vooral vanuit andere
Engelstalige Caribische eilanden arbeidskrachten
naar Aruba. Een ander gevolg was dat
Aruba interessant werd voor andere bedrijven
en commerciële instellingen. Door
dit alles steeg de levensstandaard snel
wat voor een klein eiland in het Caribische
gebied een ongekende luxe was. Automatisering
had echter tot gevolg dat het aantal
werknemers steeds verder afnam. Van
de 8300 mensen die in 1949 voor Lago
werkten waren er begin jaren tachtig
nog maar 1350 over. O.a. door de sterk
verouderde raffinaderij en de daardoor
oplopende verliezen sloot in 1986 de
Lago-raffinaderij de poorten. De komst
van de Lago-olieraffinaderij had ook
op politiek terrein de nodige gevolgen.
In het begin van de jaren dertig werd
aan de Koninkrijksregering de wens kenbaar
gemaakt dat Aruba zich wilde afscheiden
van Curaçao en een rechtstreekse
band wilde aangaan met Nederland. In
1948 werd er een onderzoekscommissie
samengesteld die de verhoudingen tussen
Aruba en Curaçao ging bestuderen.
In 1951 verkregen de Nederlandse Antillen
een grote mate van zelfstandigheid.
In 1954 probeerde de Arubaanse Eilandsraad
via een motie een afzonderlijk deel
van het Nederlandse Koninkrijk te worden.
In de loop van de jaren zeventig won
op Aruba een separatistische beweging
aan kracht, gericht op losmaking uit
het administratief verband van de Nederlandse
Antillen. De leider van deze beweging
voor 'separashon' was Betico Croes.
Dit streven werd uiteindelijk in 1983
gehonoreerd met de toekenning van een
aparte status vanaf 1 januari 1986.
De Status Aparte moest leiden tot de
onafhankelijkheid per 1 januari 1996.
In mei 1991 zag Aruba hiervan af en
werd het streven naar onafhankelijkheid
op de lange baan geschoven. In juli
1994 won de Arubaanse Volkspartij (AVP)
de parlementsverkiezingen en werd Henny
Eman minister-president van een coalitieregering
die streefde naar een grondige sanering
van de overheidsuitgaven. In november
1996 kwamen de relaties met Nederland
onder druk te staan nadat Nederlandse
politici ernstige kritiek hadden geuit
op de gebrekkige rechtshandhaving en
de ondoorzichtige verhouding tussen
regering en bedrijfsleven op Aruba.
Klimaat
Aruba heeft een tropisch klimaat en
het is er altijd zonnig. De gemiddelde
temperatuur is er bijna 28° C. graden
en er waait altijd een noordoostpassaat.
Het verschil tussen zomer en winter
is gemiddeld slechts 3,6° C. en
het verschil tussen dag en nacht is
gemiddeld 5,5° C. De gemiddelde
regenval is ongeveer 60 cm per jaar,
en de regen valt meestal in de vorm
van korte, hevige plaatselijke buien.
De meeste regen valt in de maanden november,
december en januari. De warmste maanden
zijn augustus, september en oktober.
Tropische stormen en tornado's komen
op Aruba niet voor.
Planten
en dieren
Door het tropische klimaat met z'n beperkte
regenval is de plantengroei op de droge
grond beperkt, ongeveer 500 soorten.
Er komen voornamelijk struikgewassen,
agaven en boomsoorten als de typische
dividivi voor. Deze boomsoort wordt
door de wind gevormd. Meest opvallende
plantenfamilie zijn de cactussen die
verspreid over het eiland in een groot
aantal soorten voorkomen. Er komen zeven
soorten hagedissoorten voor, waarvan
de leguaan de bekendste is. Verder komen
er twee slangensoorten voor, de Santanero
en de giftige Cascabel. Aruba heeft
ongeveer 174 vogelsoorten. De meeste
komen echter alleen om te overwinteren
of zijn op doortocht naar een andere
broedplaats. Ongeveer 50 soorten broeden
op het eiland.
Zoogdieren
zijn vooral geiten en ezels. Omdat geiten
alles eten zijn ze zeer bedreigend voor
de toch al kwetsbare plantengroei. De
levende organismen van het koraal behoren
tot de holtedieren. Verder komen er
in zee o.a. barracudas, inktvissen,
haaien, krabben, kreeften, roggen, schildpadden,
zeepaardjes en zeesterren voor.
Natuur
De eerste indruk van het landschap op
Aruba is die van een vrij kaal, woestijnachtig
landschap. Maar voor wie de moeite neemt
om rustig rond te kijken, heeft de natuur
op Aruba veel te bieden.
Arikok
National Park
In de buurt van St. Cruz ligt het Arikok
National Park. Een beschermd natuurgebied
van ong. 35 vierkante kilometer groot.
Dit is 18% van de totale oppervlakte
van Aruba.
Naast de, soms unieke, flora en fauna
zijn ook een aantal culturele en historische
monumenten te vinden. De kalksteenformaties
in het park bevatten het grootste natuurlijke
zoetwaterreservoir van het eiland. De
eerste bewoners van Aruba vestigden
zich daarom al in dit gebied.
Het park bestaat uit 5 gebieden met
elk een eigen karakter. Door het gehele
park liggen wandelpaden maar het is
een aardig avontuur om deze te bewandelen.
Gezien de warmte kan het park beter
in de vroege ochtend of late namiddag
bezocht worden. Ook de dieren komen
op het heetst van de dag liever niet
uit hun schuilplaats.
Vlag
Sinds 18 maart 1976 heeft Aruba de eigen
nationale vlag en een nationaal volkslied.
De kleuren van de vlag zijn blauw, rood,
geel en wit.
De
blauwe achtergrond symboliseert de zee
en de lucht. Blauw is tevens de kleur
van de hoop en de toekomst.
Links bovenaan staat een vierpuntige
rode ster. Deze ster staat symbool voor
het eiland Aruba waarvan de meeste aarde
een rode kleur heeft. De witte zoom
rond deze ster staat voor de stranden
die Aruba omringen. De kleur wit staat
ook voor eerlijkheid en oprechtheid.
Er is bewust gekozen voor een vierpuntige
ster. De Arubaanse vlag is de enige
vlag ter wereld met een vierpuntige
ster. Deze ster staat voor het kompas
en refereert hiermee aan de herkomst
van de bevolking uit alle vier de windstreken
die op Aruba vreedzaam naast elkaar
leven. Het is ook een verwijzing naar
de vier talen welke op Aruba gesproken
worden (Papiamento, Nederlands, Engels
en Spaans).
Het geel in de vlag verwijst naar het
zonlicht. De lijnen geven de beweging
aan richting de status aparte. De lijnen
staan voor de twee pijlers van de Arubaanse
economie. De eerste lijn vertegenwoordigt
de stroom touristen die komen genieten
van de zon. De tweede lijn is voor de
industrie en de mineralen die het eiland
welvaart brachten (goud, fosfaten en
later olie).
Door de lijnen smal te houden heeft
men willen aangeven dat Aruba zelfstandig
maar niet geisoleerd in de wereld staat.
Taal
Hoewel het Nederlands de officiële
taal van Aruba is, is Papiaments de
meest gesproken taal. Het Papiaments
is ontstaan uit het Spaans, Portugees,
Nederlands, Engels, Frans en een beetje
Afrikaans. De naam Papiaments is afgeleid
van het werkwoord "papia"
dat praten betekent. De basis van het
Papiaments is hoofdzakelijk van Spaanse
en Portugese herkomst. Met de komst
van de Nederlanders werd daar Nederlands
aan toegevoegd. Het Engels en het Frans
stammen af van de bezetters van andere
Caribische eilanden. Het mengtaaltje
dat zich hieruit ontwikkelde is langzaam
maar zeker de plaats gaan innemen van
een moedertaal. Aruba kent zelfs een
officiële spelling van het Papiaments.
Die wijkt wel af van de spelling zoals
die op de eilanden Bonaire en Curaçao
gebruikt wordt. De meeste Arubanen spreken
naast Papiaments en Nederlands vaak
ook nog uitstekend Spaans en Engels.
Bevolking
Het is aan de meeste Arubanen duidelijk
te zien dat ze afstammen van indianen.
Maar ook Nederlandse en Spaanse invloeden
zijn duidelijk aanwezig. De Indiaanse
trekken zijn niet afkomstig van de oorspronkelijke
indiaanse bevolking, maar van de later
uit veelal Venezuela en Colombia gekomen
indianen van een Spaans-indiaanse afkomst.
Het negroïde element is zoals al
eerder vermeld in verhouding tot de
andere eilanden minder vertegenwoordigd.
Met de komst van de olie-industrie in
de jaren twintig trokken mensen van
over de hele wereld naar Aruba. Met
als gevolg dat er nu meer dan 40 nationaliteiten
wonen. Het bevolkingsaantal schommelt
nu rond de 70.000. Tachtig procent daarvan
is Arubaan. De overige twintig procent
bestaat voor een groot deel - 10 procent
- uit Nederlanders en de rest voornamelijk
Fransen, Engelsen en Portugezen, afkomstig
van andere Caribische eilanden.
Bezienswaardigheden:
Stranden
De stranden van Aruba behoren tot de
mooiste ter wereld. Aruba beschikt over
vele kilometers prachtig wit strand.
En elk strand heeft zo zijn eigen charme.
Alle stranden, ook die bij de hotels,
zijn vrij toegankelijk. De ligstoelen
en parasols op de stranden bij de hotels
zijn echter gereserveerd voor de hotelgasten.
Ook in het hoogseizoen bieden de schone
stranden voldoende ruimte om rustig
van de heldere azuurblauwe zee, de palmen
en het warme zonnetje te genieten.
-
Arashi Beach is een wit zandstrand.
Een perfecte plaats om te zwemmen en
te snorkelen.
-
Malmok Beach bestaat uit een aantal
kleine zandstrandjes tussen de verder
rotsachtige kust. Deze rotsen zijn rijk
begroeid met koralen en bieden een goede,
beschutte omgeving voor de vele vissen
die er leven. Een mooie plek om te snorkelen
of te duiken.
-
Hadicurari is eveneens een wit zandstrand
met hier en daar wat kiezels. Het water
is er kalm en ondiep. Deze plek is ideaal
voor windsurfers. In de nabijheid zijn
dan ook een surfshop en een surfschool
aanwezig.
- Bij
Palm Beach vind je en wit zandstrand
dat zich uitstrekt zover het oog reikt.
Door de aanwezigheid van hotels vlak
aan het strand is er voldoende gelegenheid
om een drankje of hapje te kopen.
- Aan
de kust van Eagle Beach spoelen de golven
vriendelijk tegen het kilometers grote
strand. Een gewilde plek voor watersporters.
- Liefhebbers
van een stevige golfslag kunnen terecht
bij Manchebo Beach. Dit strand is het
grootste van Aruba.
- Bij
Druif Beach is de zee een stuk kalmer.
Een prima plaats om te zwemmen.
- Voor
een leuke Beach Club kun je terecht
op Surfside Beach. De zee is hier rustig
en een uitstekend zwemwater.
- Aan
de oostkant van het eiland zijn nog
twee stranden. Het is wel een stukje
rijden maar deze zijn toch ook zeker
een bezoekje waard.
- Rodgers
Beach is een rustig wit zandstrand.
De riffen voor de kust zorgen voor rustig
zwemwater. Hier bevindt zich de gezellige
Beach Club Coco Beach.
Kinderen
en minder geoefende zwemmers kunnen
prima terecht op Baby Beach. De ondiepe,
door riffen omzoomde zee maken het een
zeer veilige zwemplaats. Baby Beach
is ook een ideale plek om te snorkelen.
Tussen de riffen zwemmen talloze felgekleurde
vissen.
Alto
Vista kapel
In 1750 werd door de indianen de eerste
katholieke kapel van het eiland gebouwd.
De kapel was gemaakt van takken op een
stenen ondergrond en is langzaam maar
zeker vergaan. In 1952 heeft men ter
herinnering aan deze eerste kerk van
Aruba op de plaats van de oude kerk
een nieuwe Mariakapel gebouwd, de Alto
Vista kapel.
Bushiribana
Aan de noordkust ligt Bushiribana, een
ruïne van wat eerst een goudsmelterij
op Aruba was. In deze omgeving werd
destijds veel goud gedolven, en men
treft op verschillende plaatsen nog
oude mijnschachten aan. Sommige van
de schachten zijn wel 30 meter diep.
Fort
Zoutman
Fort Zoutman in de hoofdstad Oranjestad
is het oudste gebouw op Aruba. Het werd
in 1796 gebouwd om de haven te beschermen
tegen invallen. Na 1816 vestigde men
er kantoren van de overheid in. In 1868
werd er een toren aan toegevoegd, die
tevens als vuurtoren diende. Momenteel
bevindt zich in het fort en de toren
het Museo Historico Arubano.
Grotten
Het eiland heeft enkele interessante
grotten. De grotten van Fontein zijn
bekend door de mooie indiaanse rotstekeningen,
die op de zoldering zijn te vinden.
Ten zuiden van de grot ligt de "Tunnel
of love", een onderaardse tunnel
met duistere spelonken en gangen met
een lengte van 200 meter en een hoogte
van 5 tot 6 meter.
Museo
Historico Arubano
Het museum is in Fort Zoutman gevestigd,
en men vindt er onder andere schelpen,
bodemvondsten, gesteenten en fossielen.
Ook krijgt men er een indruk van de
vroegere goudwinning.
|