SOFIA
Sofia
is de hoofdstad van Bulgarije
en met 1.178.579 inwoners
(2001) met afstand de grootste
stad van het land. De stad
ligt in het westen van het
land aan de rivier de Iskur,
aan de voet van het Vitoshagebergte.
De stad heeft een internationale
luchthaven.
Geschiedenis
De oudst bekende naam van
de stad is Serdica: dit
was de naam die de Romeinen
aan de nederzetting gaven,
naar de Serden, de Thracische
stam die hier woonde. De
Hunnen verwoestten het Romeinse
Serdica, waarna de Byzantijnse
keizer Justianus I de stad
als Triaditsa herbouwde.
De Slavische Bulgaren noemden
haar Sredets (= Serdica)
en doopten haar in 1376
om in Sofia, naar de Sveta
Sofia-kerk. Zes jaar later
werd de stad (en de rest
van het land) bezet door
het Ottomaanse Rijk. De
Turken zouden bijna vijf
eeuwen blijven.
In 1878
namen de Russen tijdens
de Russisch-Turkse Oorlog
de stad in: Sofia werd na
de Turkse nederlaag in 1879
de hoofdstad van het moderne
Bulgarije. Aanvankelijk
was dat alleen de noordelijke
helft van het land, omdat
Bulgarije in het Verdrag
van Berlijn was opgesplitst.
Het was toen de derde stad
van het land: Roese en Varna
waren allebei groter. Ook
Plovdiv, de hoofdstad van
de zuidelijke helft van
Bulgarije, toen bekend als
Oost-Roemelië, was
op dat moment groter. Vanaf
de hereniging van Bulgarije
in 1885 zou de stad snel
groeien. Tussen 1879 en
1939 nam het inwonertal
toe van 20.000 tot 300.000.
In de Tweede Wereldoorlog
leed Sofia zware schade,
waarna de stad in communistische
stijl werd herbouwd en uitgebreid.
In 1963
vond in Sofia het Universeel
Esperantocongres plaats.
|