vakantie Corsica

De oude Grieken noemden het eiland ‘Korsaï’, wat bosrijk land betekent. De Fransen en Corsicanen spreken van ‘Ile de Beaute’ of eiland van schoonheid. Het centrum van Corsica is groot, levendig en vol verkeer. Het staat bekend als een chique plaats, waardoor het straatleven is gekleurd met een mengelmoes van extreme buitensporters en decadent geklede figuren.
Het eiland heeft een afmeting van 183 bij 83 kilometer, met een kuststrook van meer dan 1000 kilometer. Op enkele plaatsen langs de kust kun je zelfs golfsurfen. Het meest opvallende aan het eiland is wel de afwisselende natuur. Zo zijn er prachtige zandstranden aan de oost- en westkust, grillige rotsformaties aan de noord- en een deel van de westkust en krijtrotsen in het zuiden. Hoge bergen, waarvan sommige met eeuwige sneeuw en skipistes. Bergpassen die over kale, granieten toppen slingeren. Diepe kloven, waarin woeste bergriviertjes richting zee stromen. Uitgestrekte loofbossen, met varkens die naar eikels en kastanjes zoeken. Tegen berghellingen aangebouwde terrasvormige dorpen. En rotsachtige baaien met rustige zandstranden.
Corsica heeft ook veel culturele bezienswaardigheden, zoals dolmen, menhirs, forten, resten van Romeinse en Griekse nederzettingen, historische kerken en wachttorens, citadellen en middeleeuwse dorpen.

De liefhebbers van zon, zee en vertier kunnen zich vermaken in de mooie toerististische plaatsen aan de kust, waar het in vergelijking met andere vakantieoorden aan de Middellandse Zee nog rustig is.
Corsica behoort tot Frankrijk en Ajaccio is de hoofdstad. Het eiland heeft een parlement met regionale bevoegdheden op het gebied van cultuur, onderwijs, milieu en transport. Een klein deel van de bevolking is radicaal ingesteld en streeft naar een volledig onafhankelijk Corsica. Ze voeren acties om de identiteit van het eiland te behouden. Een onschuldige uiting van onafhankelijkheidsstreven is het veranderen van de Franse namen op plaatsnaamborden in de officiële Corsicaanse namen. Minder onschuldig zijn de bomaanslagen die vooral ‘s winters plaatsvinden en gericht zijn tegen toeristische faciliteiten.
Corsica is met ongeveer 240.000 inwoners dunbevolkt. Eeuwen lang was de vendetta (bloedwraak) veel voorkomend. Wanneer een dode lag opgebaard vielen vrouwen jammerend op de grond en scheurden zich de kleren van het lijf. Nadat de moordenaar was vervloekt, werd er wraak gezworen. Zo’n vendetta kon vele generaties doorgaan. En als er geen mannen meer waren om de eer van de familie te verdedigen dan waren de vrouwen aan de beurt. (maar of dat er nu mee te maken heeft?)In 1920 werd trouwens de vendetta door de Franse regering bij wet verboden.

Dé historische plek van Corsica is toch wel het geboortehuis van Napoleon, in de hoodstad Ajaccio. Behalve het geboortehuis vertellen ook nog tientallen andere plekken iets over de kleine generaal.
Een andere mooie plaats is Bastia, in het noorden van het eiland. Hier staat een grote oude burcht die nog gebouwd is door de voormalige Genuaanse republiek. De Corsicanen zijn over het algemeen erg gelovig en belijden vrijwel allemaal het rooms-katholieke geloof. Jaarlijks vinden er tal van processies plaats.

De Corsicaanse natuur is heel divers, als gevolg van de grote hoogte- en temperatuurverschillen op het eiland. Aan de kust komen onder andere dennen en de vijgedistels voor. Ook groeien er waaierpalmen en dadelpalmen. Aan de rotsachtige noordkust zie je veel vetplanten en cactussen. In de ongecultiveerde gebieden domineert het dichte struikgewas van de maquis, dat een mengelmoes is van verschillende soorten, veelal gedoornde struiken en aromatische planten. Boven de 900 meter domineert de pijnboom. Hoger dan 1500 meter komt de steeneik voor.
De kastanjebossen waarom Corsica zo bekend staat, komen veel voor in de streek Castagniccia. Olijfbomen vind je vooral in de streken Balagne en Olmeto. Kurkeiken staan vooral in de omgeving van Porto-Vecchio aan de oostkust.
Tijdens een wandeling zul je regelmatig kleine hagedisjes tussen de struiken en stenen zien. Veel zeldzamer zijn het Corsicaanse edelhert en de moeflon. In het natuurreservaat Scandola komen de zeldzame steenarend en visarend voor. De dichte begroeiing van de maquis is een ideale broedplaats voor vogels, zoals putters, distelvinken en kwikstaartjes, die zich echter niet vaak laten zien.

Het klimaat is overwegend mediterraan, met warme droge zomers en zachte winters. Regen valt voornamelijk in het voor- en najaar en ‘s winters. De gemiddelde jaartemperatuur bedraagt 20 graden. In de bergen heerst boven de 900 meter uiteraard een bergklimaat. De zomers zijn hier warm. ‘s Winters is het koud, vriest het en valt er sneeuw.
Voor een wandelvakantie zijn mei, juni en september de beste maanden. Voor een strandvakantie zijn juni tot september het meest geschikt. Wanneer je vóór mei of na september gaat moet je er rekening meehouden dat veel hotels, restaurants en bezienswaardigheden gesloten zijn. In mei en september zijn de hotels het goedkoopst. Een aangename bijkomstigheid van de maand mei is dat de maquis in volle bloei staat, die met zijn doordringende geuren het eiland bedwelmt.

Omdat Corsica door de eeuwen heen door vreemde mogendheden is bezet geweest, heeft de regionale keuken Franse, Spaanse, Italiaanse en noord-Afrikaanse invloeden. Behalve vis- en vleesgerechten kunt je er couscous en pastas eten. Befaamd is de Corsicaanse vissoep.
De Corsicaan beweert dat zijn varkensvlees de lekkerste ter wereld is omdat de varkens er nog vrij rondlopen en zich voeden met kastanjes, eikels, wortels en kruiden, hetgeen de smaak van het vlees ten goede komt. De Corsicaanse kazen zijn eveneens niet te versmaden.