Parijs

Parijs is de stad van het Franse erfgoed en vooral de broedplaats voor kunst en cultuur. Veel mensen zijn in het verleden naar de ‘lichtstad’ getrokken om inspiratie op te doen, of om hun geliefde eindelijk ten huwelijk te vragen. Parijs geeft een mens nieuwe inzichten.
Haar monumenten en kunstschatten zijn in betere staat dan die van veel andere steden. Maar Parijs is meer; het is een internationale stad die het grootste deel van Frankrijks economie beheerst, een economie die zich tot ver buiten Europa uitstrekt en in Europa zelf alleen door de Duitse overtroffen wordt.

Parijs, al meer dan duizend jaar hoofdstad, speelde een centrale rol in de vestiging van de moderne staat Frankrijk, dat zich in de loop van ongeveer zes eeuwen ontwikkelde uit het oorspronkelijke gebied van de Capetingische koningen (ruwweg tussen Parijs en Orléans). De stad is de administratieve, economische en culturele as waaromheen de Franse maatschappij draait, vooral na de Franse Revolutie. Recente economische decentralisatiemaatregelen hebben deze tendens enigszins getemperd, maar wat daarvan ook terechtkomt, Frankrijk blijft de creatie van een
hoofdstad waarvan het dikwijls niet meer dan een verlengstuk was -of, zoals het gezegde luidt: wanneer Parijs niest, vat Frankrijk kou.

Bezienswaardigheden Parijs

Louvre
Toen Philippe-Auguste in 1200 een fort bouwde om de stad Parijs te verdedigen, vermoedde hij waarschijnlijk niet dat het uit zou groeien tot één van ’s werelds meest gezaghebbende en omvangrijke musea.
Na Philippe hebben Francois I, Catherine de Médicis, Lodewijk XIV en Napoléon stuk voor stuk een deel aan het Louvre bijgebouwd. In 1989 opende Francois Mitterand het nieuwe en verbouwde Grand Louvre , waarvan vooral de glazen piramide in het oog springt.
Het Louvre is opgebouwd uit vier musea: het Musée du Louvre, het Musée de la Mode et de la Textile, het Musée des Arts Décoratifs het Musée de la Publicité.
Natuurlijk wil je een glimlach wisselen met de mysterieus kijkende Mona Lisa. Wees voorbereid, want het wereldberoemde schilderij is kleiner dan je denkt. Wegens de drukte is het verstandig óf vroeg op de dag, óf juist laat te gaan.
Het Louvre heeft een indrukwekkende collectie schilderijen. Van Giotto tot Boticcelli (de Venus van… inderdaad, Botticelli), en van Rubens tot Delacroix. A-ha-Erlebnissen gegarandeerd, je zult meer (her)kennen dan je vooraf dacht

Eiffeltoren
Parijzenaars begroeten elk nieuw monumentaal werk in hun stad altijd met een mengeling van afgrijzen, kritiek en ontsteltenis die een paar jaar duurt, waarna het een dierbaar nationaal symbool wordt -de Eiffeltoren (Tour Eiffel) is daarvan een perfect voorbeeld.

In 1887 werd Gustave Eiffels ontwerp voor een gietijzeren monument gekozen om de wereldtentoonstelling van 1889 op te luisteren. Eiffel paste dezelfde techniek toe die hij ook voor bruggen in Frankrijk en daarbuiten had gebruikt: alle 15.000 ijzeren delen werden vooraf gegoten en op volgorde genummerd; de meeste van de 2,5 miljoen klinknagels zaten al op hun plaats voordat de bouw begon. Zijn uitgekiende plannen en technologische duivelskunstenarij zorgden ervoor dat 300 ijzerwerkers, 26 maanden lang 7 dagen per week zwoegend (en zonder ook maar één fataal ongeluk) dit hoogste gebouw ter wereld precies 7 dagen voor de opening van de tentoonstelling voltooiden.

De Eiffeltoren was, behalve de hoogste, ook de vernieuwendste constructie ter wereld; een duidelijke boodschap dat Frankrijk en de Franse ingenieurs de pretentie hadden de wereld de 20e eeuw binnen te leiden. Niet iedereen was geestdriftig. Men noemde het ‘de holle kaars’ en ‘een walgelijke zuil van bouten en ijzerplaten’. Guy de Maupassant vond het gezicht erop zo erg dat hij in het restaurant Jules Verne op de tweede verdieping at, ‘de enige plek in de stad waar hij het ding niet hoefde te zien’. De toren zou eigenlijk twintig jaar na de wereldtentoonstelling worden gesloopt, maar werd onverwacht gered door de uitvinding van de draadloze radio: zijn hoogte maakte hem namelijk tot de best mogelijke antenne.
De toren biedt een magnifiek uitzicht: op een heldere dag tot meer dan 70 km. De toegangsprijzen hangen af van hoe hoog u wenst te gaan en of u de trap of de lift wilt nemen: trappenlopen kan tot de tweede verdieping.

Sacré-Coeur
Als een enorme bruidstaart rijst de basiliek van de Sacré-Coeur op het hoogste punt van de stad op, daarmee het meest zichtbare monument van Montmartre. Een van de opvallendste aspecten van de Sacré-Coeur is de stralende witheid van zijn stenen, ondanks het vuil en het roet van de stad. De steensoort, uit het département Seine-et-Marne, produceert bij regen een witkalklaagje; daarom zijn alleen de beschutte delen donkerder geworden.
De reden voor de bouw van deze Romaans-byzantijnse kerk ligt in de eed die de Franse katholieken zwoeren om na het vernederende verlies in de Frans-Duitse Oorlog van 1870 een aan het Heilige Hart van Jezus gewijde basiliek te bouwen.

Het werk begon in 1876. Architect Paul Abadie (een leerling van Eugène Violet-le-Duc) overleed in 1884 en het project werd voortgezet door Lucien Magne die er de 84 meter hoge vrijstaande klokkentoren aan toevoegde. Alleen de voorbereiding voor het leggen van de fundering was al een geweldig technisch hoogstandje: er werden 83 putten van 45 meter diep gegraven en volgestort met stenen. Vervolgens werden deze ‘pilaren’ met ondergrondse bogen aan elkaar verbonden om de ondergrond te verstevigen.

Er waren achtentwintig paarden nodig om de kar met de Savooiaardse klok tegen de Montmartreheuvel op te trekken. Deze klok, een van de grootste ter wereld, resoneert bij een hoge C-toon. Vanaf de glas-in-loodgalerij in de koepel heeft u een mooi zicht op het kerkinterieur

Champs-Élysées
Toen André Le Nôtre in 1667 de Champs-Élysées voor Lodewijk XIV creëerde, had hij de bedoeling een visueel vervolg van de Tuilerieën te maken. Tot dan toe was het gebied bepaald niet zo keurig als het later zou worden. In de velden en het struikgewas kwam het schuim van de stad bij elkaar. De Champs-Élysées vallen uiteen in twee delen: de aardige, door tuinen omgeven avenue die van de Place de la Concorde naar de Rond-Point loopt en het zakengebied van de Rond-Point naar de Arc de Triomphe.

In de jaren 1830 begon de architect Jacques Hittorff dit onbewoonde deel van Parijs te veranderen. Er werden meer dan 1200 gaslampen geïnstalleerd en het terrein werd een uitgaansgebied met tuinen, fonteinen, restaurants en muziekcafés. Al wat over is van die ontspanningspaviljoens zijn twee dure restaurants, Ledoyen en Laurent. Aan de noordzijde van de Avenue Gabriel liggen de tuinen van het Élysées-paleis (de presidentiële residentie).

Westelijk van de Rond-Point strekt zich uit wat de Fransen de mooiste avenue van de wereld vinden en nog altijd de verplichte route is voor alle grote manifestaties. Zo vindt hier op 14 juli, de nationale feestdag, de militaire parade plaats (compleet met laag overvliegende straaljagers) en liggen hier de finish van de Ronde van Frankrijk en de start van de marathon van Parijs.

Maar de reputatie van de Champs-Élysées is mooier dan de werkelijkheid; ondanks een recente opknapbeurt, waarbij de parkeerplaatsen werden verwijderd en de toch al reusachtige trottoirs verbreed, blijkt de invasie van schreeuwerige autozaken, fastfoodrestaurants en gigantische bioscoopcomplexen niet te stoppen.

Arc de Triomphe
De Arc de Triomphe wordt door veel Parijzenaars gezien als het middelpunt van Parijs. Deze overwinningsboog staat in een rechte lijn die loopt over de Champs Élysées en begint bij het Musée du Louvre en eindigt bij de Grande Arche (een andere boog) in de moderne wijk La Défense. Het eerste deel heet La Voie Triomphale.

Het is een indrukwekkend gezicht, de Arc de Triomphe, met daaromheen een plein dat in Nederland tot overspannen verkeersagenten zou leiden. Er staan geen strepen op ‘s werelds eerste rotonde, die soms vierbaans, maar soms ook tienbaans lijkt te zijn. Toch vinden de meeste crossende Parijzenaars hun weg op en af de rotonde zonder al te veel kleerscheuren.
Ga niet zelf met de auto rondjes rijden, tenzij je het als kick wilt doen. Het risico dat je met een authentiek Frans gedeukte voiture thuiskomt, is hier beduidend groter dan elders.
De Arc de Triomphe is Napoléons hommage aan zowel zichzelf als aan zijn legers. Het bouwwerk, waaronder het symbolische graf voor de onbekende soldaat met de eeuwig brandende vlam, kostte tien miljoen Franse francs. Elke avond om half zeven is er een kleine ceremonie van oud-veteranen om het vuur aan te houden.

Omdat het een overwinningsboog is voor het Franse leger (zoek op de plaatsen die op de Arc geschreven staan eens een Nederlandse naam), werd het bouwwerk ook nog wel eens door binnenvallende legers als spotobject gebruikt. De eigenwijze Françozen hadden ook daar weer een antwoord op: zo werden in 1871 vreugdevuren aangestoken onder de Arc de Triomphe, om de ‘afdruk’ van Duitse laarzen (Pruisen had Frankrijk kort tevoren belegerd) uit te wissen. Locatie
Place Charles de Gaulle

Place de la Concorde
Aan de Place de la Concorde, waar ooit revolutionaire bloedbaden plaatsvonden, staan nu de Amerikaanse ambassade en het luxueuze hotel Crillon, terwijl men er een adembenemend uitzicht heeft over de Champs-Élysées, afgesloten door de Arc de Triomphe.

De Place de la Concorde werd in 1757 door de hofarchitect Jacques-Ange Gabriel aangelegd als achtergrond voor een ruiterstandbeeld van Lodewijk XV. In tegenstelling tot de andere koninklijke
pleinen (bijvoorbeeld de Place des Victoires en de Place Dauphine) die met bebouwing omsloten waren, bebouwde Gabriel slechts één zijde, waardoor het uitzicht vanaf het Tuilerieën-paleis over de Champs-Élysées tot aan het Rond-Point behouden bleef. Zijn van twee zuilenrijen voorziene gebouwen -nu het Crillon-hotel en het ministerie van Marine (waar Marie-Antoinette ooit een geheim appartement had)- weerspiegelen de gevels van de Nationale Assemblée op de andere rivieroever. Het beeld van Lodewijk werd in de Revolutie omver getrokken en de Place Louis-XV werd omgedoopt tot Place de la Révolution. Tijdens de Terreur werden hier meer dan 1200 personen geguillotineerd, onder wie Lodewijk XVI, Robespierre en Marie-Antoinette.

Na nog wat naamsveranderingen werd het plein in 1795 Place de la Concorde genoemd. Lodewijk-Filips zette standbeelden en fonteinen neer die de beroemde steden van Frankrijk vertegenwoordigen en plaatste een centraal monument op het plein -een 3300 jaar oude obelisk. Deze zuil uit de tempel van Luxor werd in 1829 aan Frankrijk geschonken door de Egyptische onderkoning Mohammed Ali.
Zo’n 200.000 Parijzenaars juichten toen ingenieur Le Bras en zijn 120 man sterke ploeg de obelisk in 1836 overeind zetten. Hun wapenfeit is opgetekend in de voet van de obelisk, trouwens ook de beste plek om te genieten van het uitzicht op de piramide van het Louvre en de Champs-Élysées, die zich in westelijke richting uitstrekt naar La Défense.

Uitgaan
Elke wereldstad biedt natuurlijk een overvloed aan amusement en cultuur, maar Parijs biedt net iets meer. Parijzenaars vinden het heerlijk om uit te gaan en veel evenementen zijn dan ook van tevoren uitverkocht -probeer dus voor theater-, dans-, muziek- en opera-uitvoeringen ruim van tevoren kaarten te bespreken.

Voor details en een complete filmlijst koopt u een nummer van de wekelijks -op woensdag- verschijnende Pariscope (met een Engelstalig katern) of l’Officiel des Spectacle, beide verkrijgbaar bij elke kiosk. U vindt er toegangsprijzen, evenals een lijst met restaurants waar u na middernacht nog kunt eten.
Een bezoek aan een Parijse schouwburg geeft u de gelegenheid de ambiance op u te laten inwerken, maar voor het overige heeft het weinig zin, tenzij u het Frans tot in detail beheerst. Wel zijn er enkele theaters waar af en toe Engelstalige stukken worden uitgevoerd. Reserveren kan in het algemeen vanaf twee weken voor de voorstelling.

Café-théâtres zijn kleine theaters (geen cafés) buiten het grote toneelcircuit, waar onder andere ‘stand-up comedians’ van wisselende leukheid optreden, maar tenzij uw Frans echt goed is zult u daarvan nauwelijks genieten.
Op de Champs-Élysées is het Lido met zijn flonkerende Bluebell Girls, buitensporige megaproducties met lasershows, video, fonteinen en vuurspuwende draken, de Europese tegenhanger van etablissementen in Las Vegas. Het Paradis Latin, gevestigd in een door Gustave Eiffel ontworpen theater, dient zich aan als traditioneel Parijs’ cabaret, begeleid door een Latijns-Amerikaanse band.

Winkelen
Het uitgeven van geld is niet moeilijk in dit winkelparadijs, waar de ene verleidelijke etalage na de andere opdoemt. De winkeliers zijn verplicht hun geëtaleerde artikelen van prijsstickers te voorzien, zodat u weet waar u aan toe bent. Op sommige duurdere artikelen kunt u bij thuiskomst BTW terugkrijgen. Vraag de winkelier om nadere details.

Wie van warenhuizen houdt vindt alles van zijn gading in de Galeries Lafayette en de Printemps. Bon Marché is minder druk, maar exclusiever.
Foto: Kim Wildschut
Eenvoudiger warenhuizen zijn BHV en Samaritaine. De ketens van voordelige warenhuizen Monoprix en Prisunic hebben in de hele stad vestigingen en zijn vooral interessant voor kinderkleding, cosmetica en accessoires. De goedkoopste winkelketen is Tati, die populair is geworden onder mensen met gevoel voor modetrends. Aantrekkelijke, redelijk geprijsde kleding voor de jonge vrouw vindt u in specialistische winkelketens als Kookaï, Naf Naf, Promod, Zara en H&M. Warenhuizen zijn op zondag gesloten.

Van de (weinige) grote winkelcentra noemen we de Forum des Halles (metro: Les Halles) een nogal onaangenaam ondergronds gebied dat volgepropt is met ketenwinkels. De mooie, 19e-eeuwse Galerie Vivienne (metro: Bourse) en de 18e-eeuwse arcades van het Palais-Royal (metro: Palais-Royal) zouden voorlopers van de winkelcentra genoemd kunnen worden, maar ze staan heel ver af van de winkelcentra zoals we die tegenwoordig, vooral uit Amerika, kennen.
Antiekhandelaars vindt u aan de Quai Voltaire, de Rue de Beaune en omliggende straten waar in exclusieve winkels antiek van museumkwaliteit verhandeld wordt; het Louvres des Antiquaires bezit 250 winkels en voor de Villa St.-Paul lijken de jaren vijftig het meest geliefde tijdperk te zijn.

Het leukst winkelt u in Parijs echter in boetieks. Zwerf maar door de Marais, Montmartre, St.-Germain-des-Prés, Sèvres-Babylone of de Place des Victoires en u zult uw eigen favoriete boetiek ontdekken.

Vervoer

Openbaar vervoer
De Parijse ondergrondse wordt beheerd door de Regie Autonome des Transports Parisiens (RATP). Een overzicht van de lijnen vindt u in elk station, of vraag anders een gratis Plan du Métro wanneer u een plaatsbewijs koopt. De lijnen zijn genummerd en kunt u herkennen aan de stationsnamen aan begin en eind: de oost-westlijn 1 bijvoorbeeld loopt van La Défense naar Château de Vincennes.
U kunt kaartjes voor een enkele reis kopen, maar beter is het een carnet van 10 tickets te kopen wanneer u van plan bent regelmatig gebruik te maken van de metro. Er zijn ook week- en maandkaarten te koop waarmee u onbeperkt kunt reizen met metro, trein en bus (Carte Orange). Hiervoor heeft u een pasfoto nodig.
Met een kaart Paris Visite, te koop bij de metrostations, kunt u een, twee, drie of vijf dagen onbeperkt gebruikmaken van het openbaar vervoer in Parijs en Île de France en krijgt u korting op sommige attracties. De Formule I-kaart, ook te koop bij de metrostations, geeft recht op een dag vrij vervoer.
Ook in de stadsbus is uw metrokaartje geldig (afstempelen in de automaat achter de chauffeur, die ook kaartjes verkoopt). Bij de bushalte vindt u een overzicht van het netwerk. De meeste bussen rijden niet na 19.30 uur, op zondag en tijdens de vakantie.
De Parijse SNCF-stations (altijd met een metrostation met dezelfde naam) zijn het Gare de Lyon (voor de verbinding met Zuidoost-Frankrijk en Italië), Gare du Nord (Brussel, Amsterdam, Londen en andere noordelijk gelegen bestemmingen), Gare de l’Est (naar het noordwesten, inclusief Normandië), Gare Austerlitz (Zuidwest-Frankrijk en Spanje) en Gare Montparnasse (West-Frankrijk, inclusief Bretagne). Bel voor vertrektijden en reserveringen, maar beter nog, ga naar het station voor plaatskaarten, want telefonisch is duurder en inefficiënt.

Taxi’s
Taxi’s vindt u op de taxistandplaatsen en kunt u ook straat aanhouden. Een vol verlichte lichtbak betekent ‘vrij’. Voor vervoer vanaf stations en voor bagage zwaarder dan 5 kg, alsmede voor de vierde passagier (kan geweigerd worden) en dieren (behalve geleidehond) wordt een toeslag op het tarief gevraagd. Een tip van 10% is gebruikelijk.

Parijse taxi’s zijn niet goedkoop. Als u een taxi telefonisch bestelt, begint de meter vanaf dat moment te lopen. Vraag om een kwitantie, bijvoorbeeld voor het geval u iets in de wagen zou laten liggen. ’s Nachts, en ook wanneer de rit voorbij de stadsgrenzen voert, stijgen de tarieven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>