Klimaat
Subtropisch klimaat dat onderverdeeld
is in twee hoofdseizoenen : het droge
seizoen en het regenseizoen: Het droge
seizoen loopt van half september tot
eind mei en het regenseizoen ligt tussen
juni en half september.
Het droge seizoen loopt van half september
tot eind mei en het regenseizoen ligt
tussen juni en half september. Klimaattype:
Subtropisch klimaat Gem. temp. zomer:
Gem. temp. winter: Gem. neerslag in
mm.: Zomer / Winter: RegenSeizoen: Van
juni tot okt
Flora
Subtropen
Gambia ligt in de subtropen. Dat betekent
dat er letterlijk van alles groeit en
bloeit. Er is een grote verscheidenheid
aan vegetatie. Palmbomen, kapokzijde-
of katoenbomen en de opvallende apenbroodbomen
( baobab ) vind je in het gehele land.
Langs de rivier en haar zijarmen ( bolongs
) komen uitgestrekte mangrovemoerassen
voor.
Olifantsgras
Bij de lagere gewassen valt vooral het
olifantsgras op. Je ziet onmiddellijk
waar het zijn naam aan ontleent. Het
is een enorm hoge grassoort die, net
als onkruid, overal groeit waar je het
niet kunt gebruiken.
Bamboe
Je vindt vrijwel alle bekende bamboesoorten
in Gambia. De loten ervan zijn een delicatesse
voor veel diersoorten. Het bamboe zelf
wordt, behalve als basismateriaal voor
huizenbouw, ook gebruikt om houtskool
van te maken. Verder kent het land vele
exotische bloemsoorten.
Fauna
Vogelsafari
Gambia is een paradijs voor de vogelliefhebber
en je komt er dan ook de meest exotische
vogelsoorten tegen. Regelmatig worden
er nieuwe soorten ontdekt. Tot heden
telt het land meer dan 450 verschillende
soorten vogels. Sommige komen alleen
in Gambia voor.
Groot wild
Voor het bekijken van groot wild ben
je aangewezen op de nationale parken.
De laatste in het wild levende giraffe
verdween uit Gambia aan het eind van
de vorige eeuw. De laatste olifant verdween
aan het begin van deze eeuw. Diverse
buffelsoorten en antilopen zijn ooit
aanwezig geweest, maar grotendeels door
de mens verdreven of uitgeroeid. Er
komt nog enig groot wild voor in Gambia,
maar deze zie je slechts bij hoge uitzondering
in zijn natuurlijke omgeving. Uitzonderingen
zijn (de stroomopwaarts levende) krokodillen
en nijlpaarden. Aan de zeekant en in
de riviermonding komen dolfijnen voor,
die zich over het algemeen gemakkelijk
vertonen.
Apen
Het ontdekken van apen is nog eenvoudiger.
Er leven verschillende kleinere aapsoorten
in Gambia en ze bevinden zich letterlijk
overal.
Klein wild
Verder zijn er nog wat kleine antilope-soorten
in Gambia, wilde zwijnen (aardvarkens)
en wratte-zwijnen.
Reptielen
Lager bij de grond kun je met slangen
en hagedissen kennismaken. Ook in het
water komen slangen voor. Sommige hebben
een dodelijke beet.
Vissen
In de zee, in de rivier Gambia en in
de kreken door de mangrovegebieden leven
vele vissoorten. Het gaat daarbij soms
om zeldzame soorten, zoals de gitaarvis
of de longvis. Er zijn ook vissen die
je met hun stekels of vinnen lelijk
kunnen belagen. Het is een belangrijke
reden om niet zonder begeleiding van
een deskundige de hengelsport te beoefenen.
De rivier is als gevolg van het ontbreken
van barrières zo'n 150 á
180 kilmeter (in het droge seizoen zelfs
tot 240 kilometer) uit de kust zout
tot brak.
Bevolking en cultuur
De samenleving in Gambia wordt gevormd
door een aantal stammen die in goede
harmonie met elkaar leven. De belangrijkste
zijn:Mandinka, Wolof, Jola, Fula
Godsdiensten
Gambia is een islamitisch land. Men
gaat ervan uit dat ongeveer tachtig
procent van de bevolking tot de islam
behoort. Volgens de officiële opgave
is dit negentig procent. De overige
tien procent behoort tot een andere
kerk, met name tot de anglicaanse en
de rooms-katholieke. Verder zijn er
(vaak geconcentreerde) groepen methodisten,
zevende-dag-adventisten en zelfs aanhangers
van de baha'i-leer . Deze leer kun je
vergelijken met het humanisme.|
Alhaji
Namen worden vaak voorafgegaan door
het woord Alhaji . Dit betekent dat
degene die achter de naam schuilgaat
een pelgrimstocht naar Mekka heeft gemaakt.
Handelaren maken vaak gebruik van deze
titel, het geeft aanzien (en klandizie).
Polygamie
Polygamie komt veelvuldig voor in Gambia.
Volgens de islam mag een man vier vrouwen
hebben. Het systeem van familieverhoudingen
is daardoor soms ingewikkeld. Als iemand
over zijn broer spreekt, kan dat net
zo goed zijn halfbroer of zijn neef
zijn. Maar ook de mededeling dat broers
verschillende vaders én verschillende
moeders hebben, is niet vreemd. Ze zijn
opgegroeid in dezelfde compound , waarschijnlijk
onder hetzelfde dak waar hun vaders
als broers, of hun moeders als zusters
ooit besloten samen te gaan wonen.
Compounds
De meeste dorpen op het platteland zijn
opgebouwd uit verschillende compounds
. Een compound is de kleinste leefgemeenschap.
Ze bestaat uit diverse gezinnen, met
aan het hoofd de oudste man. Deze oefent
het gezag uit en is verantwoordelijk
voor alles wat er zich binnen zijn compound
afspeelt. Zonder zijn toestemming wordt
er niet getrouwd, vindt er geen naamgevingsplechtigheid
plaats en volgen kinderen geen onderwijs.
Voor alle belangrijke zaken binnen de
compound is zijn mening doorslaggevend.
Ook treedt hij op als bemiddelaar bij
meningsverschillen. Over het algemeen
leven families van dezelfde afstamming
in één compound . De oudste
man is vaak de vader van de families
binnen de compound , of de oudste zoon.
Dorpsbestuur
Een dorp wordt bestuurd door de gezamenlijke
oudste mannen. Hierbij is degene wiens
familie het langst in het dorp woont
de verantwoordelijk man. Men noemt hem
de Alkalo .
Ook in streekverband kent men nog een
gezagsorgaan. Deze bestaat uit de oudsten
van bij elkaar behorende of op elkaar
aangewezen dorpen. Zij beslissen gezamenlijk
over zaken van gemeenschappelijk belang.
Of liever gezegd: zij adviseren het
districtshoofd of diens afgevaardigde
over zaken die hun gemeenschappelijk
belang aangaan, bijvoorbeeld over de
plaats waar een nieuwe waterput moet
komen of over de bouw van een moskee.
Vriendelijkheid
De Gambianen beweren van zichzelf dat
ze het vriendelijkste volk ter wereld
zijn en dat in Gambia niets een probleem
is. In grote lijnen kloppen beide beweringen.
In de toeristengebieden heeft de vriendelijkheid
vaak een commerciële bijbedoeling.
Maar als eenmaal duidelijk is dat er
niets te verdienen valt dan blijft de
vriendelijkheid en de oprechte belangstelling
meestal bestaan.
Moskeeën
Door het gehele land vind je moskeeën.
De grootste staat in de hoofdstad Banjul
en heet toepasselijk Grote Moskee .
In het binnenland, waar de huizen van
riet, bamboe, bladeren en leem gemaakt
zijn, valt de vaak kleurrijke moskee
direct op.
Staat
Republiek
Gambia is een republiek met aan het
hoofd een president. Het kent maar één
kamer, de National Assembly . De gang
van zaken binnen het parlement lijkt
sterk op die van het Britse Lagerhuis.
Het waren dan ook de Britten die vorm
gaven aan de republiek. In 1964 werden
voor het eerst algemene verkiezingen
gehouden.
Onafhankelijkheid
Op 4 oktober 1963 startte men met de
voorbereidingen voor de onafhankelijkheid,
die op 8 februari 1965 een feit werd.
Op 24 april 1970 werd de republiek Gambia
uitgeroepen. Alles bleef bij het oude,
alleen de naam van de hoofdstad veranderde
van Bathurst in Banjul. Dit gebeurde
echter pas in 1973.
Afgezet
Op 22 juli 1994 zetten militairen de
eerste president van Gambia, Sir Dawda
Kairaba Jawara af onder verdenking van
corruptie. Hij werd verbannen en zijn
bezittingen werden verbeurd verklaard.
Luitenant (thans kapitein) Yahya A.J.J.Jammeh,
de leider van de staatsgreep, volgde
Jawara op. Gedurende de tweede helft
van 1996 werden achtereenvolgens een
referendum over de grondwet, parlements-
en presidentsverkiezingen gehouden.
Onbetrouwbaar
Berichtgeving over de politieke toestand
in Gambia in de pers is vaak onbetrouwbaar.
Economie
Landbouw en visserij
Gambianen leven van landbouw en visserij.
Het belangrijkste exportartikel is de
pinda, gevolgd door (gedroogde en gerookte)
vis. Gambia heeft weinig industrie en
moet vrijwel alles wat verder nodig
is invoeren. Om die reden is Gambia
geen goedkoop land. De toeristenindustrie
is één van de belangrijkste
economische pijlers aan het worden.
Eten
Traditionele gerechten
De traditionele Gambiaanse keuken bestaat
uit gerechten, die op de één
of andere manier iets te maken hebben
met de belangrijkste producten van het
land: pinda's, rijst, couscous, kip
en vis. Het wordt klaargemaakt boven
een open vuur.
Bijgerechten
Als je niet in een restaurant eet dat
op toeristen is ingesteld, pas dan op.
Houd er rekening mee dat de olie waarin
de producten worden klaargemaakt niet
altijd aansluit bij hetgeen de westerse
ingewanden gewend zijn. Droge rijst
en droog brood zijn dan prima bijgerechten.
Praktische info
Taal
De officiële taal in Gambia is
Engels. Het wordt gesproken in het parlement,
bij de rechtspraak en bij alle officiële
gebeurtenissen. Ook op de scholen is
Engels de voertaal. Vrijwel iedereen
kan zich in de Engelse taal uitdrukken.
Geld
Munteenheid
De Gambiaanse munteenheid heet dalasi
. De dalasi is onderverdeeld in honderd
butut. Er zijn munten van 1, 5, 10,
25 en 50 butut en 1 dalasi, biljetten
komen voor in de waarden 5, 10, 25 en
50 dalasi.
Terugwisselen van dalasis op het vliegveld
is geen probleem. Je mag maximaal 75
dalasis uitvoeren.
Visum
Reizigers die de Nederlandse of de Belgische
nationaliteit bezitten, hebben geen
visum nodig.
Vervoer
in land
Openbaar vervoer
Reizen per openbaar vervoer is in Gambia
alleen aan te bevelen voor de ervaren
reiziger. Nieuwkomers kunnen de uitstapjes,
die vanuit elk hotel worden georganiseerd,
het beste in groepsverband maken.
Bussen
Officieel zijn er geregelde busdiensten
in Gambia. Het centrum van het openbaar
vervoer bevindt zich in Serekunda. Vandaar
kun je via de zuidoever van de rivier
Gambia in elk geval tot Basse Santa
Su komen, soms zelfs tot Fatoto. Via
de noordoever kun je Lameng Koto (nabij
Georgetown) met openbaar vervoer bereiken.
Minibusjes
Minibusjes, ook bushtaxi's genoemd,
onderhouden geregelde diensten tussen
bepaalde plaatsen. Voor een belachelijk
lage prijs kun je op die manier veel
van het land zien en vooral kennismaken
met de lokale bevolking. Het is een
weinig comfortabele manier van reizen,
maar voor een dagje avontuur een aanrader.
Taxi's
Verreweg de meest aangewezen manier
van vervoeren is het gebruik van taxi's.
Vlak bij de hotels tref je er altijd
wel een aantal. De prijs wordt vooraf
afgesproken. De taxi's zijn niet met
meters uitgerust.
Veerboot
Op een tiental plaatsen tussen Banjul
en Fatoto kun je de rivier Gambia met
een veerboot oversteken. Op officiële
veerboten, met uitzondering van die
tussen Georgetown en Sankula Kunda,
krijg je geen wisselgeld terug!
Autoverhuur
Op bescheiden schaal is het mogelijk
om een auto te huren. Je dient dan in
het bezit te zijn van een geldig internationaal
rijbewijs. De minimum leeftijd is 25
jaar. Een tocht door het land op eigen
gelegenheid wordt afgeraden.
Bromfietsen
Gambia is bijna nog vlakker dan Nederland.
Alleen zijn de wegen veel slechter en
is de temperatuur hoger. (Brom)fietsen
behoort tot de mogelijkheden. Het huren
van een fiets of bromfiets is in de
omgeving van de meeste hotels geen probleem.
Beziensvaardigheden
Banjul
De hoofdstad Banjul is de enige havenplaats
van betekenis. Een bezoek aan de Grote
Moskee , de Albert Market en Arch 22
is de moeite waard. Het nationale museum
is aan permanente veranderingen onderhevig.
De collectie wordt gedeeltelijk ondergebracht
in het Independence stadion in Bakau.
Dit is geen reden om het museum over
te slaan. Houd er wel rekening mee dat
ze er veel tentoonstellen op een betrekkelijk
klein oppervlak. Je moet er veel lezen
om een goede indruk te krijgen.
Stranden
Gambia is een land met een uitstekend
klimaat en prachtige stranden. Voor
een strandvakantie kun je er dus prima
terecht. Het zou wel jammer zijn als
je niet verder kijkt dan het strand
bij het hotel.
Nationale parken
Gambia kent verschillende nationale
parken en natuurreservaten:
Het Baboon Island National Park
, oostelijk van Georgetown, is niet
toegankelijk. Hier leven, behalve de
te verwachten bavianen, de enige in
Gambia overgebleven chimpansees.
Het Kiang West National Park
is het grootse nationale park. Op 11.000
ha vindt men o.a. diverse soorten tropisch
woud, mangrove moerassen en andere landschappen,
zoals savannen.
Het
Bijilo park , gelegen nabij Kololi,
is te voet bereikbaar vanuit diverse
hotels. Het park herbergt een schat
aan vogelsoorten. Bovendien zijn ook
hier de apen goed vertegenwoordigd.
Steden
en dorpen
De steden in Gambia zijn meestal ontstaan
door de samenvoeging van dorpen of compounds
, de vestiging van handelsposten of
vanwege de strategische ligging. De
naam van veel plaatsen eindigt op kunda
. Het betekent 'huis van' of 'plaats
van'. De grootste stad is Serekunda
met 275.000 inwoners, de op één
na grootste is de hoofdstad Banjul waar
ruim 40.000 mensen wonen. Verder zijn
Brikama, Bakau en Sukuta steden van
betekenis. Landinwaarts vind je Soma,
Farafenye en Basse Santa Su. De dorpen
liggen vaak op loopafstand van elkaar
in verband met de nabijheid van een
bron.
Dorpsplein
De huizen in een dorp zijn meestal opgetrokken
vanaf een lemen vloer. Gevlochten bamboematten
worden rechtop op de vloer geplaatst,
met elkaar verbonden en afgesmeerd met
klei. De daken zijn meestal van riet
of van bladeren. In dorpen die op een
geschikte plaats liggen, worden stenen
gebakken, opgestapeld en afgesmeerd
met klei of leem. Heeft men er het geld
voor, dan gebruikt men cement. In de
kuststrook en het aangrenzende gebied
wordt ook vaak golfplaat toegepast.
Dorpen worden opgebouwd rond een gemeenschappelijke
plaats, die bantaba (groot plein) wordt
genoemd. Meestal staat in het midden
van de bantaba een grote boom die veel
schaduw geeft, bij voorkeur een baobab
. Het sociale leven van een dorp speelt
zich daar af.
Gambiaanse
Stonehenge
Bij Wassu en Kerr Batchm vind je stenen
cirkels, vergelijkbaar met die van Stonehenge
in Groot-Brittannië, maar veel
jonger en veel kleiner. Ze markeren
de plaatsen waar vroegere stammen hun
aanvoerders en krijgers begroeven. Er
is hierover nog veel onopgehelderd.
Dat geldt trouwens voor een belangrijk
gedeelte van de Gambiaanse geschiedenis.
Georgetown
Georgetown is, net als Juffureh, een
plaats die een belangrijke rol speelde
in de geschiedenis van de slavenhandel.
De historische gebouwen verkeren in
een betere staat dan in andere steden,
maar zijn slecht onderhouden. De Armitage
High School , de vroegere chiefsschool
is hier nog steeds gevestigd.
Fajara
Fajara is vooral bekend om zijn golfbaan
met achttien holes. Minder bekend, maar
zeker een bezoek waard, is de uitstekend
onderhouden erebegraafplaats. Hier vonden
militairen van diverse nationaliteiten,
die tijdens de Tweede Wereldoorlog omkwamen,
hun laatste rustplaats
|