vakantie Venetie

De Venetiaanse gondels, het San Marcoplein, de Rialtobrug, de basiliek, tientallen paleizen, de brug der zuchten en het Dogenpaleis zijn nog maar een paar redenen om deze stad te bezoeken. Het is de combinatie van zijn culturele en architecturale rijkdom met de unieke ligging die Venetië zo populair maakt bij de toeristen.

Auto’s rijden er niet, de hoofdweg is een kanaal, het vervoermiddel is een boot. Lijnbussen, taxi’s en ziekenwagens zijn in Venetië boten die zich al even ordeloos verplaatsen als de auto’s in de grote Italiaanse steden. Venetië zelf bestaat uit 120 eilanden met elkaar verbonden door 150 kanalen en 400 bruggen.

Wie Venetië bezoekt moet zeker logeren in de stad zelf om van deze unieke sfeer ten volle te kunnen genieten. Een wandeling door de vele kleine straatjes doet je écht kennismaken met de levenswijze van de Venetianen. In dit dossier hebben we het ook over de voornaamste bezienswaardigheden, het carnaval en het Venetiaans glas. We geven je ook heel wat tips en links.

Venetië is ontstaan in de 5de eeuw en was vroeger één van de belangrijkste havens van Europa. De eerste bewoners kwamen op deze eilanden terecht omdat ze vluchtten voor de aanstormende Hunnen van Attila. De inwoners van Venetië zijn steeds ambitieus geweest en zochten iets om veel bezoekers (lees=geld) te lokken. Een belangrijk relikwie zou de oplossing zijn. In 823 brachten de Venetianen het lichaam van de evangelist Marcus uit Alexandrië over naar hun stad. Hij werd de schutspatroon en komt in het wapenschild van Venetië voor.

Niet alleen door de bedevaarten naar de H.Marcus kwam er welstand. Het bestuur van deze ministaat gebeurde door de Dogen, zij stonden zowel aan het hoofd van de staat als van de katholieke kerk. Zij deden mee aan de kruistochten, stuurden hun oorlogsvloot de wereld rond en lijfden zo vele landen in. Er werd een enorm handelsverkeer opgebouwd. Het was ook in deze periode dat o.m. het Dogenpaleis en de basiliek werd gebouwd.

In de 18de eeuw echter verhuisde de handel naar de Atlantische Oceaan (o.m. Antwerpen en Rotterdam). Venetië werd een dode stad. Toen Napoleon de stad binnenviel zonder slag of stoot heeft de laatste van de 120 Dogen zijn ambt neergelegd. De stad kwam weer tot leven bij de eenmaking van Italië. Het werd terug een belangrijke havenstad maar de activiteiten zijn nu wel op het vasteland: Mestre en Maghera. Het eiland Lido werd een exclusieve badplaats.

BEZIENSWAARDIGHEDEN:

SAN MARCOPLEIN: Dit is de centrale plaats van Venetië en was vroeger ook de plaats van waaruit deze machtige en rijke staat werd bestuurd. Het plein werd genoemd naar de beschermheilige van dit eiland. Het huidige plaveisel is van vulkanische oorsprong en is 250 jaar oud. Om de stabiliteit te garanderen liggen er 5 à 6 lagen leistenen.
Palazzo Ducale (Dogenpaleis): Dit paleis werd gebouwd in de glorieperiode (12e-14e eeuw). Het was de regeringszetel en residentie van de meeste Venetiaanse Dogen. Voordien stond er op die plaats een houten burcht. De toegang wordt ook wel de papieren poort genoemd omdat hier alle decreten van de Dogen werden opgehangen. Let vooral op de gouden trap en de trap der reuzen. De mooiste zaal aller tijden is wellicht de zaal van de Grote Raad. Hier was er ooit een banket van 300 aristocraten. Je kan daar ook het grootste schilderij ter wereld zien: ‘het paradijs’.
San Marcobasiliek: Eén van ‘s werelds meest beroemde kerken, boordevol oosterse mystiek en westerse weelde. Er verschillende bouwstijlen en veel onregelmatigheden. De vijf koepels zijn verschillend van afmeting en zelfs van de 500 pilaren is er geen enkel dezelfde.
De kerk werd gebouwd in 830 om het stoffelijk overschot van St.-Marcus in onder te brengen (gestolen in Alexandrië). Het was tevens de huiskapel van de Dogen. De legende wil dat zelfs de pilaren gestolen zijn tijdens één van de zeetochten. Sommige van deze palen zijn ouder dan Venetië. Maar het zijn vooral de 4000 m² mozaïek die je aandacht zullen trekken.
Het altaarstuk ‘Pala d’Oro’ is één van de rijkste schatten van het Christendom. Het dateert uit 1342 en bestaat uit 2486 juwelen. Bezoek de schatkamer en dan krijg je een deel van de buit te zien die werd meegenomen in het Oosten. Vele van deze schatten werden echter op hun beurt gestolen door Napoleon.
Klokkentoren: De klokkentoren is een reconstructie van de duizend jaar oude ‘campanile’ die in 1902 instortte. Deze toren heeft allerlei functies gehad. Het heeft een spiraalgang die tot de top leidt. Zo konden de hoogwaardigheidsbekleders te paard tot gans boven.
Brug der zuchten: De ‘Ponte dei Sospiri’ toont aan hoe de rechtspraak in de heerstijd van de Dogen verliep. Indien iemand niet beviel bij de Dogen werd die veroordeeld. Daarbij kreeg de beschuldigde niet eens de gelegenheid zich te verdedigen of bij de rechtspraak aanwezig te zijn. Meestal werd hij zelfs niet eens ondervraagd. Ze werden meestal ter dood veroordeeld en onmiddellijk terechtgesteld. Zo kwamen de ter dood veroordeelden na het vonnis over die brug naar de plaats van hun terechtstelling.
Piazetta: Deze beide zuilen dragen de symbolen van Venetië, de Marcusleeuwen en de H.Theodorus, vroegere beschermheilige van de kerk. Deze granieten zuilen zouden van het oosten zijn overgekomen per schip, in 1172, als teken van hun macht. De legende zegt evenwel dat wie tussen de twee zuilen loopt een ongeluk zal overkomen. De reden zou te zoeken zijn in het feit dat hier tijdens de republiek de politieke vijanden werden terechtgesteld.

LANGS HET CANAL GRANDE
De hoofdstraat van dit eiland is een kanaal dat luistert naar de naam ‘Canal Grande’. Het heeft een lengte van 4 km en vaar je af met de lijnboot of Vaparetto op één uur. Ze is 30 tot 70 meter breed en bijna steeds 5.20 meter diep. De meeste paleizen die Venetië rijk is staan langs het Canal Grande.
Rialtobrug: Deze bekende stenen brug is 400 jaar oud en heeft nog als enige winkels langs beide zijden. Dit gedeelte van Venetië is de belangrijkste plaats van de Venetianen om handel te drijven want het is het hoogst gelegen. Het is ook op deze plaats dat zich de eerste bewoners kwamen vestigen. De naam komt van Rivo Alto of hoge oever.
Rialtomarkt (Campo della Pescheria): Dit is de vismarkt bij uitstek. Iedere ochtend van dinsdag tot zaterdag kan je hier zowel inheemse als internationale vis kopen. Aansluitend worden ook groenten en fruit verkocht. De straten vanaf de brug tot aan de Pescheria zijn zeer druk. Je treft er zowel Venetianen als toeristen aan. De Rialto is van oudsher altijd een marktplaats geweest omdat het hoger gelegen is dan de rest van de stad.
Paleizen: Venetië is een zeer bloeiende staat geweest. De talrijke paleizen langs het Canal Grande zijn daarvan nog een stille getuige. De meesten zijn bewoond of omgebouwd tot concerthal of expositieruimte.
Gondels: Ze zijn reeds 600 jaar een traditie en al meer dan 400 jaar in het zwart geverfd. In de 16de eeuw waren dit zelfs zeer prestigueuze en rijk versierde vaartuigen. Vorige eeuw waren er nog 10.000, nu blijven er 500 over. Een gondel weegt ca. 585 kilo, is met de hand gemaakt en bestaat uit 280 afzonderlijke stukken. Nu zijn er nog ongeveer een 470 gondeliers over, zo’n honderd jaar geleden waren ze met 20.000. Een gondelier ben je pas na drie jaar opleiding.

MUSEA
Als je musea bezoekt in Venetië zal je dikwijls de benaming ‘Scuola’ ontmoeten. Scuola staat voor broederschappen met een nobel doel. De rijken en ambachtslui werden hiervan lid en hun bijdrage werd gebruikt om ziekenhuizen te bouwen, armen te helpen, weduwen en wezen bij te staan, … Sommigen van deze Scuole bezaten zoveel geld dat ze ook een paleis en belangrijke kunstwerken kochten.
Museo Storico Navale (Bucintoro): Venetië is rijk geworden door zijn moderne scheepvaarttechnieken. Uiteraard moet dit vereeuwigd worden in een Scheepvaartmuseum. Er zijn niet alleen miniaturen te zien, maar ook schatten, sieraden, vlaggen, tekeningen, schetsen en schilderijen.
Peggy Guggenheim museum: De uitgebreide collectie moderne kunst (20e eeuw) is ondergebracht in het Palazzo Vernier dei Leoni. Peggy Guggenheim was een rijke Amerikaanse dame die kunstwerken uit de 20e eeuw verzamelde en de kunstenaars financieel hielp. Ze stierf in dit museum in 1979.
Palazzo Grassi: Dit is een museum zonder vaste collectie. Hier gaan wel de grote reizende tentoonstellingen door. Als je de evenementenkalender bekijkt zal je merken dat dit museum niet ontbreekt.
Scuola Grande di San Rocco: De Scuola van San Rocco had als doel om de armen te helpen. Ze bleken daar wonderwel goed in te slagen en mochten van Napoleon, die alle Scuole had afgeschaft, terug hun taak vervullen. Het was een broederschap die een enorm prachtig gebouw bezat doordat ze een groot aantal leden telde. Het was Tintoretto die bijna een kwarteeuw lang het gebouw heeft gedecoreerd. Nu is het een museum en concertgebouw.
Gallerie dell’ Accademia: Dit is het belangrijkste museum van de stad. Dit gebouw was eigendom van de Scuola de Carita. Hier vind je Venetiaanse kunst dat afkomstig is uit kerken en kloosters en van schilders die behoorden tot de Accademia. Dit museum won veel aan waarde toen Napoleon kerken en kloosters verbeurd heeft verklaard.
Museo Correr: Sinds 1922 herbergt de Ala Napoleonica een juweeltje van neoklassieke architectuur, de immense kunstcollectie van de Venetiaanse edelman Teodoro Correr (1750-1830). Sculpturen, schilderijen – ook van Vlaamse meesters -, kostbare boeken, keramiek, bronzen beeldjes, meubilair, kledij, speelgoed, enz. vertellen in 70 zalen de culturele geschiedenis van Venetië.

DE OMGEVING VAN VENETIE
Er zijn heel wat eilanden in de omgeving van Venetië. We geven je een paar eilanden die je interesse opeisen. Er zijn vele mogelijkheden om op excursie naar één van deze eilanden te trekken vanop het San Marcoplein.

Lido di Venezia: Niet te verwarren met Lido di Jesolo die wel grenst aan Venetië maar op het vasteland ligt. Lido di Venezia is een smal en uitgestrekt eiland met een mooi zandstrand. Dit eiland is dan ook meteen de badplaats bij uitstek voor de Venetianen. Hier zijn ook auto’s toegelaten.
Murano: Vanaf 1271 kwam de Venetiaanse glasindustrie op dit eiland terecht door een verplichte verhuis wegens brandgevaar. Nu nog wordt deze ambacht uitgeoefend. Hier zie je vooral toeristen die de vele winkels en glasblazerijen bezoeken. We raden in elk geval een bezoek aan het Glasmuseum aan (Museo dell’Arte Vetraria).
Burano: Als je een uitstap boekt dan moet je meer dan één eiland aandoen. Burano is zo’n toeristisch eialnd waar eeuwenlang kant werd geproduceerd. Nu nog zijn er kantwerksters te zien.
Torcello: Ooit woonden hier 20.000 mensen, vandaar deze grote kathedraal. Nu blijven er nog een tiental bewoners over. Hier kom je voor de rust en kalmte. Uiteraard moet je de kathedraal en het kleine kerkje bezoeken.