Het
kleinere overblijvende, Duitstalige
oostelijke deel kreeg een grotere
zelfbeschikking. Volledige onafhankelijkheid
werd verkregen in 1890.
Door Duitsland overrompeld in
beide wereldoorlogen, gaf het
zijn neutraliteit op in 1948 toen
het toetrad tot de Benelux en
het jaar daarop tot de NAVO.
In 1957 werd Luxemburg
een van de zes oprichters van
de Europese Economische Gemeenschap
(later de Europese Unie) en in
1999 trad het toe tot de eurozone.
Bevolkingsopbouw
Een groot deel van de bevolking
komt oorspronkelijk uit de buurlanden.
Het percentage buitenlanders onder
de in Luxemburg wonende bevolking
bedraagt bijna 40%. Onder de buitenlanders
zijn de Portugezen de grootste
groep: ongeveer 13% van de bevolking.
Taal
Er zijn drie officiële talen
in Luxemburg: Frans, Duits en
Luxemburgs (Lëtzebuergesch).
Naast Frans en Duits wordt door
de autochtone Luxemburgers Luxemburgs
gesproken, een aan het Duits verwante
taal die sinds 1984 de status
van officiële taal heeft.
De meest gesproken talen zijn
Lëtzebuergesch (door 61%
als moedertaal gesproken en door
zeker 80% van de bevolking begrepen),
Frans (algemene omgangstaal, door
misschien 10 % van de bevolking
als moedertaal gesproken, maar
door ongeveer 90% van de bevolking
begrepen) en Portugees (13% moedertaalsprekers,
geen functie als algemene communicatietaal).
Ook Duits en Engels worden door
een groot deel van de bevolking
verstaan.
Religie
Luxemburgers zijn over het algemeen
Rooms-katholiek.
De hoofdstad Luxemburg is de grootste
stad van het land. Andere belangrijke
plaatsen zijn Esch-sur-Alzette
(ten zuiden van de hoofdstad)
en Echternach, aan de Duitse grens
in het oosten.
Economie
Voor de komst
van de euro was de Luxemburgse
frank de officiële munt van
het land. Deze was precies gelijk
aan de Belgische frank. Door het
verdwijnen van deze munten heeft
de in 1921 opgerichte Belgisch-Luxemburgse
Economische Unie aan belang verloren
(maar zij bestaat nog steeds).
De stabiele economie
met hoge inkomens vertoont een
gestage groei, lage inflatie en
een lage werkloosheid. De industrie
werd tot voor kort gedomineerd
door staal, maar is meer en meer
divers geworden en omvat nu ook
chemie, rubber en andere producten.
Tijdens de afgelopen decennia
compenseerde de groei in de financiële
sector meer dan de terugval in
staal. Diensten, in het bijzonder
het bankwezen, maken een belangrijk
deel van de economie uit. Een
tiende van de banen bevindt zich
in het bankwezen en een vierde
van het BNP wordt door deze sector
geproduceerd. Het succes van de
Luxemburgse banken wordt voornamelijk
verklaard door het bankgeheim
dat veel vermogen heeft aangetrokken.
De landbouw is gebaseerd op kleine
familiale boerderijen. Luxemburg
heeft nauwe handelsbanden met
de buurlanden en geniet de voordelen
van een open Europese markt als
lid van de EU. Het land is met
een koopkracht van €41.230
per persoon het rijkste land ter
wereld.
Politiek
Luxemburg heeft
een parlementaire bestuursvorm
met een constitutionele monarchie
met erfopvolging. De huidige groothertog
van Luxemburg is Henri. Volgens
de grondwet van 1868 ligt de uitvoerende
macht bij de groothertog en het
kabinet, dat bestaat uit een eerste
minister en verschillende andere
ministers. De wetgevende macht
ligt bij de Kamer van Afgevaardigden,
dat voor een periode van vijf
jaar direct wordt verkozen. Een
tweede lichaam, de "Conseil
d'Etat" (Staatsraad), bestaande
uit 21 gewone burgers die door
de groothertog worden benoemd,
adviseert de Kamer van Afgevaardigden
in het opstellen van wetten.
Klimaat
Het klimaat van
Luxemburg lijkt op het Nederlandse
en Belgische klimaat, met zachte
zomers en koele winters. Luxemburg
heeft over het algemeen een gematigd
zeeklimaat, maar omdat het land
door de Ardennen beschut wordt
tegen de zeewind ligt het klimaat
tussen een gematigd zeeklimaat
en een zwak continentaal klimaat.
Doordat de zeewind geen invloed
heeft, heeft het weer in Luxemburg
ook geen extreme pieken of dalen.
Het midden en het zuiden van Luxemburg
hebben een iets warmer klimaat.
De gemiddelde jaartemperatuur
schommelt tussen ongeveer 7°C
en 9°C. De gemiddelde jaarlijkse
hoeveelheid neerslag is 740 mm.
In het noorden valt de meeste
neerslag en in het zuiden de minste.
De maanden mei en juni zijn de
meest zonnige maanden, terwijl
juli en augustus de warmste maanden
zijn. In september en oktober
valt de meeste neerslag.
|