In
de buurt hiervan bevindt zich
het kerkje Santo António
à Sé, dat gewijd
is aan Antonius van Padua, de
13e eeuwse beschermheilige van
de stad.
De stad ontwikkelde zich sterk,
zowel economisch als cultureel;
in 1290 werd bijvoorbeeld de Universiteit
van Lissabon gesticht. Met Vasco
da Gama's ontdekking van de zeeweg
naar Indië, rond 1500, begon
de Portugese Gouden Eeuw. Koning
Manuel I liet na Da Gama's terugkeer
het Mosteiro dos Jerónimos
bouwen, het klooster waar de ontdekkingsreiziger
begraven ligt.
Op
1 november 1755 werd de stad getroffen
door een zware aardbeving. De
vele doden, 15.000 volgens sommige
bronnen, vielen niet alleen door
instortingen, maar ook door branden
en hoge golven uit de rivier.
Onder de pragmatische premier,
de latere Marquês van Pombal,
werd aan de wederopbouw begonnen.
Zijn invloed is terug te zien
in het strakke stratenplan van
het zuiden van de wijk Baixa.
Ook de 20e eeuwse dictator António
de Oliveira Salazar moderniseerde
de stad. In 1998 huisvestte Lissabon
de Expo.
Bezienswaardigheden
Baixa, de "benedenstad",
is het centrum van Lissabon. Hier
bevindt zich het Rossio, al eeuwen
het belangrijkste plein van de
stad. Aan het aan de Taag gelegen
zeer grote plein Praça
do Comércio bevond zich,
totdat Portugal in 1910 een republiek
werd, de koninklijke residentie.
Ten
westen van de Baixa, en ongeveer
dertig meter hoger, ligt de wijk
Bairro Alto. Hier zijn vele restaurants
en uitgaansgelegenheden te vinden.
De van rond 1900 daterende Elevador
de Santa Justa is een door een
leerling van Gustave Eiffel ontworpen
lift in neogotische stijl. De
lift wordt gebruikt om naar de
dertig meter hoger gelegen wijk
Bairro Alto te komen.
Ten
oosten van het centrum ligt de
Alfama, een oude volkswijk. Met
zijn vele steile straatjes, trappen
en steegjes is het een belangrijke
bezienswaardigheid. Dwars door
de wijk kronkelt tramlijn 28,
waarop zeer oud trammaterieel
rijdt. Deze tramlijn wordt zeer
veel door toeristen gebruikt,
maar is ook nog steeds belangrijk
voor de ontsluiting van de wijk.
In
het Museu Nacional de Arte Antiga,
het belangrijkste kunstmuseum
van Portugal, bevindt zich onder
meer veel werk van Noord-Europese
schilders zoals Jeroen Bosch en
Albrecht Dürer.
De
van oorsprong Armeense filantroop
Calouste Gulbenkian verzamelde
tijdens zijn leven meer dan 6000
kunstwerken. Het Museu Calouste
Gulbenkian toont zijn collectie
met Egyptische, Islamitische,
Chinese en Japanse kunst en schilderijen
van Rogier van der Weyden, Ghirlandaio,
Frans Hals, Rembrandt, Fragonard,
Manet en Degas.
De
uit 1966 daterende brug die Lissabon
verbindt met de Outra Banda, de
zuidoever van de Taag, is later
Ponte 25 de Abril genoemd ter
ere van de Anjerrevolutie. Het
ontwerp is geënt op dat van
de Golden Gate Bridge in San Francisco.
Lissabon
is ook bekend vanwege de fadomuziek.
De beroemde schrijver Fernando
Pessoa werd er in 1888 geboren.
Een
paar kilometer ten oosten van
het centrum ligt het "nieuwe
centrum" op het expoterrein.
Hier zijn onder meer een aquarium,
een winkelcentrum, een kabelbaan
en het belangrijke treinstation
Oriënte te vinden. Vlakbij
dit terrein ligt een nieuwe brug
over de Taag: de 12 kilometer
lange Vasco da Gamabrug.
In
Lissabon zijn ook een groot aantal
parken. Het prettigst is Parque
Eduardo VII met de Estufas. Het
kassencomplex bestaat uit twee
glazen broeikassen. In de Estufa
Fria (koude kas) kas zijn tussen
de winterharde bloemen en varens
fonteinen, beekjes en vijvers
aangelegd. In de vochtige beschutting
van de Estufa Quente (broeikas)
vormt het een domein van cactussen,
waterlelies en flamingo’s.
In de broeikas zijn verschillende
soorten vogels aanwezig, zoals
dwerg-papegaaien en een pauw.
Jardim Botânico is ook een
aanrader met zijn zeldzame planten
en bomensoorten. Het park Campo
Grande komt enerzijds minder in
aanmerking, omdat je daar niet
aan de verkeersherrie en de laagvliegende
vliegtuigen kunt ontkomen. Anderzijds
zijn er wel aardige roeibootjes
te huur.
Openbaar vervoer
Hoewel het tramnet de afgelopen
decennia sterk is uitgedund, kent
de stad nog diverse tramlijnen
met zeer oud trammaterieel, waaronder
de eerder genoemde lijn 28. Ook
is er een moderne tramlijn met
lagevloermaterieel naar de voorstad
Belém. Door uitdunning
van het tramnet is het uitgebreide
busnetwerk steeds belangrijker
geworden.
Voor
snel vervoer naar de buitenwijken
kent de stad een metronetwerk
en voorstadstreinen. Sinds een
aantal jaren rijdt er ook een
voorstadstrein over de Ponte 25
de Abril.
Het
nationale vliegveld ligt feitelijk
midden in de stad, op maar een
paar kilometer van het stadscentrum.
|